Grip en begrip voor patiënten met getrapte eHealth implementatie: De Dubbel-N strategie

Dia35Grip en begrip voor patiënten over hun ziekte en behandeling. Dat is het doel. Door de fantastische toekomstmogelijkheden van eHealth verliezen we dit doel uit het oog en wordt het middel al snel het doel. De implementatie is dan moeizaam omdat mensen zich aan de ingewikkelde tool moeten aanpassen in plaats van andersom. Op het Informatieberaad op het ministerie van VWS 25 september jl. onthulden we, in het kader van presentatie van de resultaten van Project CHIP, onze toekomststrategie. Hoe kunnen we zorgbreed patiënten wel grip en begrip geven, passend bij hun behoeftes en mogelijkheden, en ze tegelijkertijd naar de toekomst met eHealth begeleiden.

De Dubbel-N strategie draait om samenwerking en het gebruik van meer bronnen van content en verscheidene eHealth tools: dus EN-EN. De getrapte strategie draait op drie pijlers:

  1. Eerst de mens, daarna de techniek. Want menselijke acceptatie is het belangrijkste voor het bereiken van resultaat.
  2. Eerst context, dan data. Want context is de basis voor begrip. Zonder context is data onbegrijpelijk.
  3. Samen werken, delen en integreren van content. Transmuraal en platform onafhankelijk. Want dubbel werk is inefficiënt.

Met de implementatie van deze strategie creëren we grip en begrip bij een brede populatie. Door eenvoud en brede acceptatie van Inforium (>80%) met de grote gemeenschappelijke Project CHIP database van openbare gezondheidsinformatie kan basale context transmuraal overgedragen worden. Door deze hoge acceptatie zijn geavanceerdere eHealth tools als zorgportalen, apps en PGO’s specifiek te pushen naar mensen met gecompliceerdere situaties en /of hogere informatie/functionaliteits behoeftes. Dus eHealth begeleiding op basis van de behoeften van de individuele patiënt in elk segment van de zorg. En passant wordt ook nog het onderhoud van gecompliceerdere eHealth tools sterk vereenvoudigd.

Klik de 360 video voor uitleg in 360 seconden (geen 3D bril nodig, kijk rond met muis/vinger of telefoon)

(Eerder gepubliceerd op LinkedIn Pulse)
Advertenties

Milieu verbeteren met eHealth? Jazeker!

milieu

Wel ja, nog meer halleluja verhalen omtrent eHealth? En toch is het zo. Daar kwam ik vorige week namelijk toevallig achter. Het blijkt een bijeffect te zijn van een grootschalige implementatie van digitale communicatie met Inforium.

Gedurende Project CHIP Almere werd massaal transmuraal informatie op maat naar patiënten gestuurd door dokters en apothekers van het Flevoziekenhuis en Zorggroep Almere. Aan het einde van het project bleek dat zij van mei 2016 tot april 2017 44.000 Inforiums naar de 200.000 Almeerders gestuurd te hebben. En in de eindrapportage hebben we veel aandacht gegeven aan de hoge tevredenheid van dokters en patiënten en de grote Project CHIP database. Daarom zijn alle deelnemers ook doorgegaan en zal het aantal in 2017 nog toenemen.

Maar de impact op het milieu werd me pas vorige week duidelijk. Bij ons, bij de KNO, zijn we al vier jaar met Inforium bezig. En we wisten dat binnen 1,5 jaar het aantal folderbestellingen met 90% gedaald was. Toen ik dus vroeg aan de assistentes wie tegenwoordig de bestellingen doet, keken ze me wezenloos aan. “Folders bestellen? Dat doen we toch niet meer?” Bij hun taakomschrijving is het niet eens meer opgenomen.

Uit nieuwsgierigheid liep ik naar de overburen, de kaakchirurgen, waarvan ik wist dat zij in de zomer van 2016 begonnen waren met Inforium. Zij ontdekten, omdat ze snel naar vele honderden digitale folders per maand gingen, dat bijna meteen de telefonische medische vragen daalden. Toen ik iemand terloops vroeg hoe het met hun folderbestellingen ging, vertelde ze me dat het van 300 per week naar 100 per kwartaal gegaan was. Binnen 9 maanden. Enigszins verbouwereerd liep ik weg, “Mooie uitvinding, hoor!” riep ze me nog na.

Op weg terug naar onze poli liet ik de impact tot me doordringen. Dat betekent niet alleen 97% minder bomen, maar ook minder inkt, geen verpakkingen en geen vervoerskosten. En ook geen pakken verouderde folders die weggegooid worden. Dus een bijeffect van het doel om door digitale, herhaalbare informatie patiënten meer grip en begrip op ziekte en behandeling te verbeteren, leidt tot een verbetering van het milieu…

Dit lijkt mij een schoolvoorbeeld voor serendipiteit. En nu kunnen we niet alleen voor de patiënten, maar ook voor het milieu hopen dat het Project CHIP Almere landelijk gevolgd gaat worden.

(eerder gepubliceerd op LinkedIn Pulse)

Medisch volgerschap

Medisch leiderschap is hot. Medische leiders zijn ook zeker nodig, maar het lijkt door de vele aandacht voor het onderwerp soms wel of iedere dokter een leider moet worden. Daarom zou ik graag eens een sterk ondergewaardeerde rol benadrukken: die van de medische volgers. Ze zijn essentieel. Een fabriek met alleen directeuren produceert weinig en een leger van officieren wint geen oorlog. Leiders moeten ook iets te leiden hebben. Als álle artsen uitsluitend zouden zoeken naar een leiderschapsrol, ontstaat een vergrote kans op versnippering in de zorg en een epidemie van een vrij ‘ernstige aandoening’: het not invented here syndrome.

Een fabriek met alleen directeuren produceert weinig en een leger van officieren wint geen oorlog

Medische volgers zijn essentieel voor acceptatie, uitvoering, opschaling en samenwerking. Goed medisch volgerschap zorgt voor implementatie in de praktijk. Het voorkomt herhaling van gemaakte fouten en dingen doen waar je niet geschikt voor bent. En het is ‘bére-efficiënt’.

Drie principes voor Medisch Volgerschap

Maar je wordt niet zomaar een goede medische volger, daar moet je wel wat voor doen. Daarom hierbij 3 principes voor de medisch volger die van pas komen als er iets nodig is of bedacht moet worden:

  1. Kijk en vraag om je heen. Bestaat het al? Gebruik het dan of kopieer het proces.
  2. Bestaat het niet? Probeer dan de meest geschikte persoon, afdeling of organisatie zo ver te krijgen dat zij het bedenken of doen.
  3. Ga pas zelf wat bedenken als 1 en 2 niet gelukt zijn.

Je kunt meteen zien wat een besparing in denkkracht en moeite dit is voor de medisch volger en de hele groep. Meer kans op succes en een stuk sneller. En als meer mensen het gebruiken, wordt het makkelijker geaccepteerd en gekopieerd. De grootste verbetering zit uiteindelijk niet in de schoonheid van de oplossing, maar in de grootschalige toepassing. En het is geen luiheid, want een goede medische volger is hard aan het werk. Het gaat immers niet allemaal vanzelf. Dokters zijn niet gelijk en situaties zijn niet gelijk. Plus: het blijft werk, en het blijft moeite kosten. Dus waardeer de medische volger.

Inspireren
Ik hoor u denken: “Hoezo medisch volgerschap? Jij doet zelf allemaal nieuwe dingen, dat is toch ook leiderschap?” Misschien is dat zo. Toch heb ik een andere insteek, want ik ben liever medisch volger en heb eerst de hierboven genoemde principes voor Medisch Volgerschap gevolgd. Ik geloof in medisch voorbeeldschap als ‘leiderschapsvariant’, maar ik voel niet de behoefte te leiden. Ik hoop andere dokters te inspireren om het voorbeeld te gebruiken en niet mij te volgen. Net als een goede medisch volger veel goede voorbeelden volgt. En niet lullen, maar poetsen. Dat is meer mijn stijl. Want het is net als met opvoeden. Je kinderen gaan niet doen wat je zegt, maar gaan doen wat je doet. En zo hoort het ook.

Kijk voor een prachtige illustratie van het belang van volgers het onderstaande filmpje

Dit blog is eerder gepubliceerd in het Arts en Auto februarinummer 2017 en op de Arts en Auto website (klik hier)

Samen Beslissen: Keuze zonder begrip is een pseudo-keuze

(gepubliceerd in oktober nummer De Jonge Specialist, blad vereniging medische specialisten in opleiding)

CLASH OF CLANS

Het lijkt een belangrijke discussie. Online inzage door de patiënt in zijn eigen status. Goed idee, slecht idee. Welles, nietes. Persoonlijk vind ik het een non-issue. Natuurlijk gaat dat gebeuren en natuurlijk gaat dat voor veel vragen en onrust zorgen. Case closed. Kunnen we het nu weer over de essentie hebben? De échte hamvraag is: welke behoefte heeft de patiënt en hoe vervullen wij die?

Er is namelijk een strijd gaande.clash-of-clans Voor de traditionele clan is geneeskunde het territorium van de dokters en wetenschap-pers. Ziekten moeten gestructureerd en evidence based aangepakt worden. Wearables, Big data en andere ‘revoluties’, zullen net als antibiotica, endoscopie en radiologie door ons opgenomen worden in de normale geneeskunde. En patiënten vinden eigen regie toch vaak te moeilijk of zelfs ongewenst, zo is de gedachte. Terechte argumenten. Medisch gezien doen we het prima, maar we laten ook grote steken vallen. Patiënten worden matig geïnformeerd en krijgen daarmee weinig grip op hun ziekte. Daarom gaat het merendeel naar Dr. Google rondom het consult.

De andere partij, de innovatieclan, waar veel niet-dokters in zitten, heeft ook een punt. De maatschappelijke omwenteling door computers en internet zal ook de medische branche niet voorbij gaan. Het kennismonopolie van dokters is verdwenen en daarmee een stuk autoriteit en legitimiteit. Medische kennis is voor iedereen beschikbaar en het aantal patiënten dat daarmee goed om kan gaan, groeit. Je kunt als dokter niet meer tegen een medische richtlijn ingaan die voor patiënten in enkele muisklikken beschikbaar is. En met zijn toenemende kennis wil de patiënt (terecht) meer uitleg en zeggenschap over de persoonlijke behandeling.

Er is dus een territoriumstrijd gaande. Als aios en jonge specialist is het zaak om niet in een loopgraaf terecht te komen, maar de verbinding te zoeken. We kunnen het territorium groter maken en delen, met als resultaat een individuele behandeling met de beste wetenschappelijke onderbouwing. Samen beslissen met de patiënt is een groeiende maatschappelijke trend en het logische vervolg op evidence based medicine. Hiermee keren we terug naar onze roots. Geneeskunde draait immers om de individuele patiënt en de menselijke maat, niet de ziekte. Elke patiënt heeft zijn eigen begripsniveau, sociale situatie en voorkeuren. Die staan niet in protocollen, dat is mensenwerk. En daarin kunnen wij onze toegevoegde waarde bewijzen. Personalized medicine in optima forma.

Om terug te komen op online inzage; dat is slechts een middel. De behoefte van de patiënt is grip en begrip omtrent zijn ziekte en behandeling. De innovatieclan denkt dat dat gebeurt door online inzage, maar die is meestal verwarrend en de context ontbreekt. Bovendien is de acceptatie door patiënten minimaal, ook omdat elke zorgverlener zijn eigen portaal heeft. Patiëntgerichte, herhaalbare informatie is veel belangrijker. En dat lukt je niet met de traditionele mondelinge uitleg in een consult, want de helft is daarna verdwenen. Begrijpelijke, relevante, deelbare informatie zorgt voor begrip. Video en ehealth tools kunnen enorm helpen. Voor, in en na het consult, in het portal en in patiënt zijn mailbox. Als de behoefte van grip en begrip vervuld is, zullen waar-schijnlijk maar enkele patiënten de moeite nemen om te lezen wat wij opgeschreven hebben in hun medische status.

Dan pas kun je samen beslissen. Want keuze zonder begrip is geen keuze, maar een pseudo-keuze. En begrijpelijke informatie kunnen we beter samen maken. allemaal dezelfde protocollen, folders, tools en video’s maken is tijdsverspilling. Het internet is er om te delen. Dat is de norm. Medische kennis is niet meer ons monopolie of onze toegevoegde waarde. Patiënten behandelen wel. Want ziektes behandel je met een protocol, maar patiënten behandel je met een persoonlijk plan, gebaseerd op je ervaring en expertise en passend bij hun situatie. Bij een dokter die een patiënt als medemens behandelt, kom je terug. Zo houdt de moderne medisch specialist ook in de toekomst zijn waarde.

 

 

Pas op met lekkere hapjes voor BEREGEBRUIK

(column gepubliceerd in Skipr-Lucide ICT special 2016)

“Begin met het brood!” Deze oproep deed ik op Skipr.nl. Ik doelde daarmee op de gevaarlijke verleidingen bij e-health. Mooie portals, videoconsulten en sexy apps verleiden ons als lekkere hapjes en beleg. Ze zien er lekker uit en smaken naar meer. Maar vaak ontbreekt een goede basis en blijft de acceptatie beperkt. We vergeten het brood en blijven daarom met honger achter. Maar als je met brood wil beginnen, hoe doet u dat dan? Hoe krijgt u e-health aan de praat? Een antwoord is het BEREGEBRUIK; de drie-eenheid van de basis van e-health succes: BEhoefte, RElevantie en GEBRUIKsvriendelijkheid.

BEHOEFTE:

Welke behoefte vervult de applicatie? Dit wordt zeer vaak verward met het middel. Bijvoorbeeld: Patiënt kan het dossier inzien of de dokter wil met een app de status inkijken. De hamvraag is echter: waarom? Want dan komt u pas achter de achterliggende behoefte en die moet u juist adresseren. En dan blijkt vaak dat het bedachte middel niet past. En vaak gaat het proces andersom. Iemand maakt een middel en gaat op zoek welke behoefte er mee vervuld kan worden.

RELEVANTIE:

Beperk u tot wat relevant is voor het stillen van de behoefte. Het is verleidelijk om zo veel mogelijk informatie of functionaliteit in te bouwen, want  “we zijn toch bezig”. Maar meer is niet beter. Met elke extra stap of functie vermindert het overzicht en de kans op slagen. En voor u het weet verdringt het beleg het brood.

GEBRUIKSVRIENDELIJKHEID: Wie wil dat eHealth breed gebruikt en geaccepteerd wordt, moet het makkelijk maken voor de zorgverlener en de patiënt. Zo niet, dan daalt met elk drempel (een extra login, koppeling, scherm of te openen applicatie) de acceptatie met tientallen procenten. Afdwingen kan soms wel, maar meer liefde en toenadering krijgt u dan niet.

En wees er consequent mee. Bedenk bij elke nieuwe stap of toegevoegde functie wat voor effect is op het beregebruik. En bedenk: minder is meer. Het is niet moeilijk om iets simpels moeilijk te maken. Iets moeilijks simpel maken is het lastigste dat er is, maar geeft het beste resultaat.

How-I-do-it: Veilige communicatie in 2016

(Dit blog is eerder gepubliceerd op Skipr 7-1-2016 )

Voor 2016 heb ik een wensenlijstje met betrekking tot communicatie, met als allerbelangrijkste punt gedeelde besluitvorming. De volgende stap hierin moet zijn herhaalbare, deelbare, begrijpelijke informatie op maat, met respect voor privacy, voor bijna iedere patiënt.

Het hoofddoel van de zorg is goede patiëntenzorg. Als privacy je hoofddoel is, moet je vooral geen aantekeningen maken en niets opslaan. Iedereen snapt dat dat ongewenst is. Communicatie en overdracht wordt onmogelijk en daarmee stort de zorg voor patiënten in elkaar. Maar toch wordt dit in strenge privacy discussies met hoge drempels soms een bijzaak. Andersom wordt er vaak te licht gedaan over privacy. Zo vaak worden gegevens toch niet gestolen…

Maar als dokter maak ik me vooral zorgen over het medisch beroepsgeheim. En om hier meteen even duidelijk over te zijn: het beroepsgeheim is er voor de patiënt, niet voor de dokter. Een patiënt moet er absoluut op kunnen vertrouwen dat wat hij vertelt vertrouwelijk blijft. Anders gaan patiënten aspecten verzwijgen door angst voor lekken. Met enorme negatieve effecten op diagnostiek en behandeling en vertrouwen in de relatie. Daarom steigeren artsen bij elke aantasting van het beroepsgeheim zoals in 2015 bij de wmo-invoering en bij fraudebestrijding.

Balans

Het gaat dus om balans. En laat ik als practicus niet in vage termen blijven hangen. Hierbij mijn, zuiver subjectieve, ‘How-I-do-it’ van 2015 en ‘What-I-want’ in 2016. Hierbij is de voornaamste overweging werkbaarheid en balans, met als belangrijkste leidraad en norm die van de KNMG. Van de dokters dus, niet de zoveelste juridische/industrie gerichte technische norm.

Mijn basis voor medische communicatie blijft ons elektronisch patiëntendossier. Makkelijk brieven sturen met Edifact naar de huisarts. Nagenoeg alles digitaal inzichtelijk en ook thuis veilig via VPN. Binnen het ziekenhuis werkt mail uitstekend, want het blijft op de eigen ziekenhuisserver. Buiten het eigen ziekenhuis wordt het lastig en begint het balanceren. Gemak werkt het best.

Maar voor externe doeleinden vind ik gewone mail nog steeds onacceptabel met patiëntengegevens. Leesbaar op het openbare internet is me een stap te ver. Ik schrijf toch ook geen patiënteninformatie op een briefkaart? Secure mail als Verimail of nu Protonmail gebruikte ik al jaren, maar bleef beperkt. Wel veilig, zonder in te hoeven loggen, maar voor de ontvanger te veel uitleg nodig. Dus zolang de ziekenhuizen nog geen breed gedragen onderling systeem hebben, blijft het de gewone papieren brief en bij spoed de fax. :-((

Het onveilige WhatsApp

Voor snelle onderlinge communicatie (ook met externe KNO-artsen in de dienst) is bij de KNO het onveilige WhatsApp nu vervangen door Threema. De applicatie werkt voorbeeldig op alle platformen met bijna het gemak van WhatsApp. Maar veilig door end-to-end encryptie, pincode en verschillende verificatie niveaus. Dus met veilige uitwisseling van foto’s en gegevens. Gelukkig is het niet gratis, zodat beheer gewaarborgd blijft. En omdat het een internationale (Zwitserse) applicatie is, blijven de kosten beperkt tot een paar euro.

Voor communicatie met patiënten ben ik dit jaar gestopt met secure mail. De verificatie is te veel werk en voor informatie geven is Inforium veel handiger. Dit is een gamechanger geworden sinds vorig jaar. Het veilig brengen van relevante internetpagina’s en multimedia naar patiënten is een enorme stap gebleken voor zowel voorlichting als gedeelde besluitvorming. In 2015 hebben we opnieuw een stap genomen. Communicatie voor het spreekuur. Door de koppeling met Zorgdomein en het telefooncentrum begint bij bijna een derde van de nieuwe patiënten het consult al thuis. Met specifieke informatie en vragenlijsten om thuis in te vullen. Gewoon via hun mailbox.

Wensenlijstje

Ik heb een wensenlijstje met betrekking tot communicatie voor 2016. Een overkoepelend onderling ziekenhuiscommunicatiesysteem. Videoconsulting met huisartsen zou mooi zijn, maar is logistiek een uitdaging. Mogelijk wat verrassend, staat videoconsulting met patiënten niet in mijn wensenlijst. Voordelen worden overschat en beperkingen onderschat. Veel belangrijker: Ik wil een digitaal spreekuur. Waarin je niet tegelijkertijd online hoeft te zijn. Dus zonder afspraak ieder op zijn eigen tijd communiceren. Juist het loskoppelen van tijdsynchronisatie is een potentiële winst voor communicatie en effectiviteit.

Maar mijn allerbelangrijkste wens voor communicatie in 2016 heeft te maken met gedeelde besluitvorming. Kennis is cruciaal en dat begint bij overdracht van relevante informatie. De volgende stap moet genomen worden. En dat is herhaalbare, deelbare, begrijpelijke informatie op maat, met respect voor privacy, voor bijna iedere patiënt. Want daarmee zorgen we voor grip en begrip voor patiënt over zijn ziekte en behandeling. En daar doen we het toch voor?

Hogere prijzen, lagere kosten. Stem voor onze zinnige zorg.

Een operatie zoals buisjesplaatsing wordt vaak gezien als oplossing voor alle oorproblemen. Uit onderzoek blijkt dat dit vaak niet het geval is en de aandoening uit zichzelf vaak overgaat. Daarom is de richtlijn: opereren bij veel klachten, afwachten bij weinig klachten. Bij de KNO in het Flevoziekenhuis laten wij de patiënt een groot deel van de keuze door eerst uitgebreid te informeren omtrent de voor en nadelen van elke optie volgens deze richtlijn. We maken de informatie herhaalbaar voor thuis door middel van een Inforium mail met infogram, video en keuzeinformatie om over de beslissing na te denken. En plannen een volgend consult voor beantwoorden van vragen en een gezamenlijke beslissing.

Sommige mensen kiezen voor operatie, andere voor afwachten. Uit de cijfers blijkt dat met tijd en kennis veel meer mensen kiezen voor een afwachtend beleid. Tot ieders tevredenheid. Deze aanpassing van het beslissingsmodel (Samen Beslissen) kost meer tijd (2 consulten) en moeite (Inforium). Daarom hebben we nu de hoogste prijs voor consult middenoorontsteking.

doktersrekening buisjes

Omdat we 2 consulten doen, waar andere er 1 doen. En toch de laagste zorgkosten, omdat we veel minder operaties doen. Dia0Herhaalbare, deelbare, begrijpelijke digitale patiënten informatie, samen beslissen en lagere kosten. Dat noemen we nou zinnige zorg.

Ondersteun ons door op ons te stemmen voor de Zinnige Zorg Award 2016 https://www.vgz.nl/zinnige-zorg-award/langer-praten-minder-buisjes?vid=1&nom=Flevoziekenhuis&titel=Langer%20praten%2C%20minder%20buisjes